CORONA EN MIJN AFGODERIJ

 

Ik zal haar met een doornhaag de weg versperren, met een muur zal Ik haar insluiten, zodat ze niet meer op pad kan gaan. Als ze dan achter haar minnaars aan wil gaan kan ze hen niet bereiken; ze zoekt maar kan hen niet vinden. Dan zal ze zeggen: ‘Ik ga terug naar mijn eigen Man, want toen had ik het beter dan nu’ (Hosea 2:5-6 – vers 8-9 in de NBV).

We zouden naar Madrid gaan, een conferentie van de Assemblies of God wereldwijd. Oppas geregeld zodat we samen even eruit konden, Colombiaanse schoonfamilie ontmoeten die daar woont, geestelijk bijtanken, broers en zussen uit de hele wereld ontmoeten. Verder stonden deze weken kerkdiensten, bruiloften en bijeenkomsten op de planning waar we veel leuke mensen (opnieuw) zouden ontmoeten en mooie contacten zouden maken. Ook zaten daar plekken bij waar we ons bedieningswerk van kerkplanting, leiderstraining en evangelisatie onder de aandacht kunnen brengen. Omdat we in gehoorzaamheid aan God een bestaande bediening hebben overgenomen, hebben we financieel best een uitdaging – maar met dit soort ontmoetingen en diensten voor de boeg hadden we geloof dat God zonder veel gepush van onze kant harten zou aanraken om het werk te ondersteunen. Daarnaast waren we net begonnen ons huis in de verkoop te zetten.

Al dit kwam, net als de rest van Nederland, acuut tot stilstand de afgelopen dagen. Ik baalde mega. Dingen waar we naar uit hadden gekeken, knalden één voor één van de agenda. En naast balen voelde ik angst. Wat zou dit financieel betekenen, voor onze stichting, en voor ons persoonlijk? Lukt het ons ons huis op tijd te verkopen? Kunnen we als Meer Jezus aan onze verplichtingen blijven voldoen? En gisteren kwam daar ook de drukte van alle kinderen bezig houden bovenop.

Tijdens het overleggen met Nathalie over de veranderingen, sprak God één woord tot me: af – go – de – rij. Ik herkende Zijn stem en zette al m’n gedachten stil. Door wat bidden en overdenken ontdekte ik hoe al deze mooie, goede dingen de plek van God Zelf hadden ingenomen.

Niet God zou mijn voorziening zijn, maar mensen en kerken.

Niet God zou mijn ontspanning zijn, maar sociale contacten.

Niet God zou onze bescherming zijn, maar mijn eigen harde doorwerken.

En nu snijdt God al die wegen naar de afgoden af met een muur, verspert Hij de weg met een doornhaag. En ik besefte dat ik me weer moest bekeren. Bekeren van het stellen van m’n vertrouwen in iets anders dan God alleen. God kan al die dingen gebruiken. Maar ze mogen nooit Zijn plaats innemen.

We hebben dit vaker meegemaakt. Op Aruba waren we ook teruggeworpen op God en God alleen. Het voelde als één groot vasten. En vasten heeft precies die bedoeling: je laten voelen hoe afhankelijk je bent van God, meer dan van je dagelijkse brood (of waar je ook van vast).

Is het niet toevallig dat in ons land de corona-uitbraak precies begon met carnaval – oorspronkelijk ontstaan als nog even losgaan voordat iedereen 40 dagen zich zou bezinnen, zich zou onthouden, vasten, om tot inkeer te komen, als voorbereiding op het wonder van Pasen? Het carnaval is er nog, maar de 40 dagen bezinning nauwelijks. Zou God ons allemaal willen stilzetten? De wegen naar onze vanzelfsprekende toevluchtsoorden versperren, zodat we ons gaan afvragen wat of wie werkelijk ons vertrouwen waard zou moeten zijn?

Ik hoorde zelfs een sportjournalist op de radio oproepen tot bezinning. Geen voetbal of wielrennen meer om onze gedachten af te leiden. Geen restaurants of terrasjes, geen sportclubs of vliegvakanties.

God is goed. Het kwaad en ook dit virus komt niet van Hem. Maar Hij staat het kwaad toe, zoals we zien in het boek van Job, tot een uiteindelijke verbetering voor wie ingaan op Zijn uitnodiging om dichterbij te komen. Doen we dat? Of rennen we nog snel voor sluitingstijd naar onze afgoden om te hamsteren van wat ons niet werkelijk verzadigen en genezen kan?

Misschien is dit ‘het begin van de weeën’ (Matteüs 24:7-8). Als dingen erger gaan worden, zie je in Openbaring (9:20) dat Gods bedoeling is dat mensen tot inkeer komen, zich gaan bezinnen, op zoek gaan naar ‘hun eigen Man’, in plaats van de slechte ‘minnaars’ die al onze afgoden zijn.

God is je voorziening.

God is je ontspanning.

God is je bescherming.

God is meer dan genoeg voor al onze behoeften en noden.

Laat er maar geen corona of wat crisis dan ook nodig zijn om ons hier aan te blijven herinneren.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s